Atelierroute Utrecht

01.08.2016

Meer dan 200 ateliers zijn verspreid over de hele stad; in 19de eeuwse schoolgebouwen, woonhuizen, voormalige kantoren, industrieel erfgoed en werfkelders. Dat zijn veel kunstenaars om te bezoeken. Daarom hebben wij, ook dit jaar, enkele deelroutes gemaakt die met de fiets, te voet of met het openbaar vervoer goed te volgen zijn. Geniet van de kunst op weg door een wijk die minder bekend is. Een atelierroute is een mooie aanleiding om de stad met hun kunstenaars beter te leren kennen. Hieronder een korte beschrijving van de wijken die opgenomen zijn in de deelroutes.

Klik hier voor de deelroutes:
Deelroute Noord
Deelroute Oost
Deelroute Zuid
Deelroute West
Deelroute Centrum
Deelroute Leidsche Rijn

Deelroute Noord

DEELROUTE NOORD voert langs vriendelijke tuinwijken naar de groene en ruim opgezette woonwijk Overvecht uit de jaren 80 en langs de buurten van de Amsterdamse Straatweg met vooroorlogse corporatiewoningen en oude herenhuizen.

Tuinwijk is na 1900 ontstaan. De buurt heeft een sterk wisselend karakter. In de omgeving van de rooms-katholieke Josephkerk, is een armer deel, terwijl verderop aan de Van der Mondestraat betere middenstandshuizen zijn gebouwd. De deelroute komt langs een karakteristiek in Amsterdamse stijl opgetrokken gedeelte. De Tuinwijk is vanaf 1921 gebouwd met de stenen die overbleven na de bouw van De Inktpot, het derde hoofdgebouw van de Nederlandse Spoorwegen.

Overvecht is een naoorlogse, ruim opgezette hoogbouwwijk. Tussen 1960 en 1970 zijn Overvecht-Noord en Overvecht-Zuid gebouwd met veel groen en met overwegend flats en relatief weinig eensgezinswoningen. Het overgrote deel van de woningen is eigendom van woningcorporaties. In de beginjaren was Overvecht een nieuwbouwwijk, die woonruimte bood aan woningzoekenden op de toen krappe woningmarkt. De wijk is nu uitgegroeid tot een volwassen multiculturele stadswijk. Flats worden afgewisseld met eengezinswoningen. Naast huurwoningen zijn er steeds meer koopwoningen.

Aan de andere kant van de Vecht liggen Zuilen en Pijlsweerd. Deze wijken bestaan voornamelijk uit kleine, vooroorlogse corporatiewoningen dichtbij oude herenhuizen.  Zuilen ontstond aan het begin van de 20ste eeuw door uitbreiding van het oude dorp ten behoeve van arbeiders van Demka en Werkspoor, bedrijven die zich aan het Amsterdam-Rijnkanaal vestigden. Pijlsweerd is gebouwd op het terrein van een voormalig klooster. Van oudsher is het een gebied met veel hoveniers en kwekers. Dit is terug te vinden in de straatnamen.

Bekijk route: Deelroute Noord

Deelroute Oost

DEELROUTE OOST;  wisselend stadslandschap van 19de eeuwse arbeiders- en middenstandswijken, romantisch groen in de parken en typerende 70er jaren bungalows in Rijnsweerd.  

In de Gasthuisstraat stond in de 16e eeuw het Heilige Kruisgasthuis. Een gedeelte van deze straat is verwoest in 1674 door de tornado die ook het middengedeelte van de Domkerk heeft weggevaagd. De oude huisjes, behorend tot de Breyerskameren uit de 17de eeuw, kwamen in 1962 in handen van de gemeente, die er kunstenaars in huisvestte. Er zijn drie ateliers te bezoeken.

In de voormalige groothandel voor verpakkingsmaterialen in de Kerkstraat zitten enkele werkplaatsen van De Ruimte Ontwerpers & friends. Verderop ligt de 0.5 kilometer lange Monseigneur van de Weteringstraat, vernoemd naar Henricus van de Wetering, aartsbisschop tussen 1895 en 1929. Een typisch begin 20ste eeuws schoolgebouw doet nu dienst als verzamelgebouw met onder andere ateliers.

Via goed onderhouden middenstandswijken uit de vorige eeuw en het voormalige katholieke Sint Antonius Ziekenhuis uit 1910 buigt de route richting Rietveld Schröderhuis. Dit is een architectonisch hoogtepunt van de kunststroming De Stijl. Het huis is in 1924 ontworpen door de Utrechtse architect en vormgever Gerrit Rietveld.
Na het viaduct ligt Rijnsweerd-Zuid, een woonwijk met veel 70er jaren bouw. Het is een van de duurdere buurten van Utrecht. Er woonden ooit veel hoogleraren en professoren die bij het toenmalige nieuw opgeleverde universiteitscentrum De Uithof werkten. Een deel van de wijk bestaat uit bungalowwoningen met elk een ander ontwerp. Archimedeslaan 16 was tot juli 2007 het pand van de lerarenopleiding van de Hogeschool Utrecht. Deze gigantische, geschakeld gebouwde, -leerfabriek- met zitkuilen en vaste asbakken op het plein is een ontwerpvoorbeeld uit de 70er jaren. Na leegstand huisvestte Stichting Tijdelijk Wonen er jongeren. Ook hebben een paar kunstenaars er een atelier. Na 2017 staat het pand op de nominatie voor sloop.

De Provincie Utrecht is sinds 2012 gevestigd in het voormalige hoofdkantoor van Fortis aan de Archimedeslaan 6. Het pand is daarvoor verbouwd door Peter Vermeulen, die ook de oorspronkelijke architect is van het gebouw. Er tegenover staat het oude Provinciehuis dat ooit werd ontworpen door Van Mourik Architecten als hoofdkantoor van de VSB. De Provincie Utrecht hield er kantoor tussen 1995 en 2012. Nu is het deels in gebruik als studentenhuisvesting.

Het huidige park Bloeijendael werd rond 1967 aangelegd naar het ontwerp van gemeente-architect Hans Pemmelaar. Het park is ontwikkeld op biologisch verantwoorde wijze en is een weerspiegeling van het oude landschap.

In de Zeeheldenbuurt valt meteen het voormalige Ooglijdersgasthuis op. Dit is een voorbeeld van een begin 19de eeuws in neo-renaissancestijl opgetrokken ziekenhuis. Het staat leeg, maar er zijn verregaande plannen ontwikkeld voor toekomstige bewoning. De aangrenzende wijk Wittevrouwen was vroeger een buitengerecht binnen de stadsvrijheid. De buurt is genoemd naar het klooster van zusters die leefden volgens de regel van de heilige Norbertus. In het midden van de 19e eeuw werden de kleinere straten en hofjes aangelegd, die werden bebouwd met voornamelijk arbeiders- en middenstandswoningen die de buurt zijn karakteristieke uiterlijk geven.

Bekijke route: Deelroute Oost

Deelroute Zuid

DEELROUTE  ZUID is een zeer afwisselende route die de Utrechtse binnenstad verbindt met 19de eeuwse middenstandswijken en met Lunetten, een stedenbouwkundig experiment uit de jaren 70tig.

In het centrum, op het Geertekerkhof staat de monumentale Geertekerk uit de 13de eeuw. Op het naastgelegen Kleine Geertekerkhof is een ateliergebouw van de Stichting Werkruimten Kunstenaars. Aan de andere kant van de Oudegracht gaat deelroute Zuid over de singel langs de randen van de wijk Abstede en passeert de Minstroom, een middeleeuws riviertje.

Abstede heeft vanouds een eigen dialect dat nog steeds gesproken wordt op straat. In de Middeleeuwen waren hier de groentetuinen van de stad. Nadat Abstede in de Utrechtse stadsbebouwing werd opgenomen, leefde het dialect voort als het sociolect van de hoveniers.

De bebouwing van de wijk is vrij gevarieerd. In delen van de wijk staan nog de authentieke negentiende-eeuwse arbeiderswoningen, terwijl in sommige straten ook nog herenhuizen te vinden zijn met een kamer-en-suite, ornamenten, schouwpartijen en hardstenen vloeren. Maar sinds de jaren tachtig en negentig bestaat Abstede voor een belangrijk deel uit sociale huurwoningen.

Verderop gaat de route richting Lunetten. Deze wijk is een stedenbouwkundig experiment uit de 70er jaren. Inspraak van toekomstige bewoners was de leidraad voor de ontwerpers.
De naam van deze wijk komt van de halvemaanvormige verdedigingswerken die omgeven zijn met water. Deelroute Zuid komt langs enkelen van deze, tot de Nieuwe Waterlinie behorende, verdedigingswerken.

Via de wijk Hoograven gaat de route richting Kanaleneiland. Na de oorlog was er woningnood en de gemeente Utrecht bebouwde Hooggraven. Tot dan toe lagen er 200 bedrijven langs de Vaartsche Rijn.

Nieuw-Hoograven kreeg een geheel andere opzet dan de bestaande bebouwing in het oudere gedeelte van de wijk, daar waren de huizen voor een standaardgezin bestaande uit 4 of meer kinderen. In Nieuw-Hoograven werd een hovenstructuur bedacht met daaromheen gestapelde woningen, bestaande uit kleine en grote flats. Een deel van deze woningen is ontworpen door Gerrit Rietveld.

Aan de andere kant van de Socratesbrug ligt Kanaleneiland, gebouwd tussen 1955 en 1971, volgens de toen zeer moderne idealen van de functionele stad. Kanaleneiland is een ruim opgezette wijk, met veel groenvoorzieningen en hoogbouw met grootschalige toepassing van woningelementen die kant-en-klaar uit de fabriek kwamen. Kenmerkend voor die tijd zijn portiekflats met vier woonlagen. In het plan stond een strikte scheiding tussen wonen, werken, recreatie en verkeer, centraal. Het verkeer werd om de wijk heen geleid. De woongebieden waren van elkaar gescheiden door forse groen- en sportvoorzieningen. De wijk moest een stad op zich worden waar de bewoners hun hele leven konden blijven wonen.

Nadat de schatkist van de gemeente Utrecht in de jaren zeventig leeg raakte, was er geen geld meer voor vernieuwing van de, inmiddels verouderde, voorzieningen. Het openbaar groen werd een gewild doelwit van stedenbouwkundigen voor de bouw van meer woningen, scholen en sportvelden.
In 2007 werd de inmiddels verloederde wijk opgenomen in de lijst met probleemwijken van de toenmalige minister Ella Vogelaar. Stadsverbetering is nog gaande. In de wijk bevinden zich enkele enclaves met creatieven en kunstenaars.

Bekijk route: Deelroute Zuid

Deelroute West

DEELROUTE WEST gaat langs spectaculaire stadsvernieuwing in het stationsgebied, dwars door Lombok, de eerste multiculturele wijk van Utrecht en door het groenste deel van de tuinwijk Oog in Al.

Utrecht Centraal is het grootste vervoersknooppunt van Nederland. Het huidige station is gebouwd voor 35 miljoen reizigers per jaar. Nu reizen er per jaar 88 miljoen mensen via dit station en de schatting is dat dit in 2030 honderd miljoen reizigers zullen zijn. Kortom, een enorme verbouwing kon niet uitblijven. In 2017 gaat, in fases, de grootste fietsenstalling ter wereld open met uiteindelijk 12.500 plaatsen. Deze wordt gebouwd onder een groot plein aan de stadskant van het stationsgebied.

Op het Jaarbeursplein valt de acht meter hoge trappenpartij op. Bij voorstellingen en manifestaties worden ze gebruikt als tribune. De fietsenstalling eronder telt 4200 plaatsen. Bij deze stalling is overigens OV-fiets te huur. Dan is er het enorme stadskantoor van de gemeente Utrecht, gebouwd door NS Stations en daarna door de gemeente gekocht voor 203 miljoen euro. In het gebouw zijn 2500 werkplekken voor alle elf gemeentelijke diensten.

Deelroute West gaat vervolgens dwars door de wijk Lombok. Dit was de eerste multiculturele wijk van Utrecht. In de jaren 70/80 veranderde de buurt drastisch van gezicht omdat de meeste arbeiders hun gezinnen uit het buitenland over lieten komen. Rond het millennium stond Lombok als achterstandswijk te boek. Er volgde een flinke opknapbeurt, waarna de wijk zeer populair werd bij jonge gezinnen.

Verderop ligt het Merwedekanaal dat met enkele ophaalbruggen een verbinding heeft met Oog en Al. Deze wijk is gevestigd op een landgoed dat de gemeente in 1918 kocht voor noodzakelijke stadsuitbreiding. Architect Piet Klaarhamer ontwierp in 1921 zeer ruime middenstandswoningen voor deze buurt.  Aan het kanaal ligt de voormalige Stichtse Olie- en Lijnkoekenfabriek uit 1905, later Cereoolfabriek genoemd. Dit indrukwekkende gebouwencomplex herbergt sinds 2014 woningen en wijkvoorzieningen. Daarvoor gebruikten enkele kunstenaars het pand als werkplaats.

Bekijk Route: Deelroute West

Deelroute Centrum

DEELROUTE CENTRUM; een goed te belopen route die verrast met hofjes en achterafstraatjes in een décor van 19de eeuwse arbeiderswijkjes en statige 18de en 19de eeuwse panden langs de singel.

Omstreeks het jaar 50 ontwikkelde Utrecht zich, met als middelpunt het Domplein. Op militair -, religious -, bestuurlijk niveau en de handel en ambachten concentreerden zich hier. In 1122 kreeg Utrecht stadsrechten en werd er een stadsmuur en verdedigingswal aangelegd. Pas in de 19de eeuw ontwikkelde de stad zich qua bebouwing grootschalig daarbuiten en werden de verdedigingswerken grotendeels gesloopt. De huidige wijk Binnenstad beslaat het grondgebied binnen de voormalige stadsmuren en is vandaag de dag vrijwel in zijn geheel een beschermd stadsgezicht. Er zijn honderden monumenten, met vanuit de middeleeuwen onder meer de Dom en een kilometerslange stadshaven voorzien van werfkelders.

Deelroute Centrum is goed te belopen. De route komt deels langs de randen van de binnenstad. Het Zocherplantsoen is de zuidelijke en oostelijke begrenzing van de binnenstad. Dit stadspark is in 1829 ontworpen door J.D. Zocher. Het ligt op de voormalige stadswallen. De bolwerken, enkele bastions en vestingsmuren zijn nog te zien. Het 4 kilometer lange park staat op de rijksmonumentenlijst. Merendeels oorspronkelijke bomen en boomgroepen sieren het park. Zocher bedacht ook om een groot aantal villa’s langs en in het park te bouwen in de karakteristieke neoclassicistische stijl. Een voorbeeld is  Villa Lievendael, bij het Lepelenburg, gebouwd in 1862.

De Stadsschouwburg is in 1937 door de bekende architect Willem Dudok ontworpen. Willem Dudok was niet opgeleid als architect, toch kreeg hij wereldwijd erkenning, vooral in de VS en Japan. In Nederland is hij onder meer bekend door zijn ontwerp van het raadhuis in Hilversum. Het Feest der Muzen, de fontein voor het gebouw, is van beeldhouwer Joop Hekman. Ook hij had eigenlijk niet de opleidingen die in die tijd leiden tot een geslaagde carrière. In 1946 mocht hij meedoen aan de tentoonstelling van het Genootschap Kunstliefde met een drietal andere jonge beeldhouwers waaronder Pieter d’Hont. Vervolgens won hij in 1951 de opdracht voor het maken van de fontein bij de Stadsschouwburg. Hij verschilde echter van mening met het gemeentebestuur die er graag een waterpartij omheen zag. Op kosten van de gemeente werd Hekman naar Rome gestuurd om inspiratie op te doen. Pas in 1959 werd het uiteindelijke ontwerp van Feest der Muzen uitgevoerd en geplaatst. Hekman werd bekend om zijn veelzijdigheid en de manier waarop hij zijn beelden in een architectonische context plaatste.

Bekijk route: Deelroute Centrum

Deelroute Leidsche Rijn

DEELROUTE LEIDSCHE RIJN voert over het kanaal en het ondergrondse deel van de A2 naar een enorme vinexwijk, het Maximapark vormt een oase met bijzondere kunsttoepassingen en ruime fietspaden.

Het stadsdeel Leidsche Rijn telt bijna 80.000 inwoners. Zodra alle bouwlocaties ten noorden van de A12 volgebouwd zijn, zullen er om en nabij 100.000 mensen wonen. Leidsche Rijn is sinds 2006 de grootste nieuwbouw- en Vinex locatie van Nederland.

Voor de aanvang van de bouw in 2001 bestond dit gebied voornamelijk uit tuinbouwgrond. In de eerste eeuw van onze jaartelling bouwden de Romeinse legers hier een versterkte vaste legerplaats. Er is een fort en een badhuis teruggegevonden. Een gereconstrueerde versie van het fort is te vinden op zijn oorspronkelijke plaats aan de noordrand van het huidige deel De Meern.

De gemeente Utrecht ontwikkelde samen met de Stichting Kunst en Openbare Ruimte een scenario waarbij kunst in de wijk gekoppeld is aan de stedenbouwkundige ontwikkeling. Dit project, Beyond, startte in 2002 en sindsdien zijn er blijvende kunstwerken en tijdelijke projecten gerealiseerd. Kunstenaars reageerden op specifieke ontwikkelingen in de wijk en op het fenomeen nieuwbouwlocatie.
In het hart van de wijk ligt het Maximapark, een ruim opgezette groene oase. Het park bestaat uit zorgvuldig gecomponeerde landschappen en kleinere specifieke tuinen, zoals een vlindertuin. Er is ruim baan voor fietsers en skaters.
In De Binnenhof van het Máximapark staan zeven bijzondere kunstwerken. Samen vormen zij het Beelden Park Leidsche Rijn.

In 2010 werden in opdracht van Stichting Werkruimte Kunstenaars atelierwoningen gebouwd. In een oude hoogstam kersenboomgaard liggen drie identieke grote schuurgebouwen met dertig grote en kleinere atelierwoningen. In het ontwerp van architect Lars Zwart staat de ontmoeting van het oude en het nieuwe centraal.

Bekijk route: Deelroute Leidsche Rijn

Deel op sociale media